Lichaamsbeelden. Er zijn altijd helpers. Mensen komen niet voor niets in je leven. Sommigen lang, anderen kort. Heb je weleens nagedacht over wie de helpers waren/zijn in jouw leven?

Allereerst een korte terugblik op het vierledig mensbeeld:

In 2012 gingen we van een drie dimensionaal naar een vier dimensionaal niveau, waar tijd en ruimte geen rol meer spelen. Inmiddels zijn we wat vertrouwder geraakt met het principe van levensfasen. De vier grote levensfasen zijn elk verbonden de vier elementen, de vier seizoenen, vier windrichtingen en ook met het vierledig mensbeeld Mens en Aarde zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden.

Het beter leren kennen of onderzoeken van de eigen levensgeschiedenis stimuleert het gevoel de eigen levensloop meer als kostbare substantie te zien in plaats van die als water door de vingers te laten wegglijden. Je komt in een stroom van verdergaande inzichten.

…………als we luisteren kunnen we het leven horen vertellen……………..

Rudolf Steiner heeft de kosmische oerkracht van het leven ook wel ‘prana’ genoemd. In de leer van het hindoeïsme en het boeddhisme wordt dit beschouwd als levenskracht of universele energie. Dit draagt dezelfde betekenis als het Chinese ‘qi’ of ‘chi’ en het Japanse ‘ki’ en in ons taalveld wordt dit ‘de adem van het leven’ genoemd. In je hart herinner je je deze sfeer, deze vibratie.

De wereld van het etherische met haar etherkrachten of levenskrachten is geestelijk van aard en behoort als zodanig niet tot de fysiek-materiële wereld. Ze is er wel intensief mee verbonden. Dit kun je ook voelen: als je dicht bij elkaar komt, sta je in elkaars etherlijf oftewel levensenergie.

Hoe verzorg je in je eigen leefomgeving het etherische? Dat is voornamelijk vertrouwd raken met je eigen lichamelijkheid, je medemensen en de natuur. Je thuis voelen in de echte wereld heet: hechten.

De natuur of zo je wil Moeder Aarde zoekt altijd naar evenwicht. Het ziet ernaar uit dat het leven op de anderhalve meter leven van elkaar deze zomer is opgevolgd door de kracht van het licht. Licht is een etherkracht en etherkrachten zijn de dragers van het leven.

De etherische wereld is vrouwelijk van aard ten opzichte van de (meer mannelijke) fysieke wereld. Wanneer de mens geslachtsrijp wordt (omstreeks het 14de levensjaar), neemt het etherlichaam de vorm aan van het fysieke lichaam van het andere geslacht.

Onze vrouwelijke identiteit is lange tijd georganiseerd rondom zorg voor anderen en relaties. Door in gesprek te gaan en jouw kennis te delen vanuit oprechte betrokkenheid kom je in contact met de levenslessen die je bewaarde in je hart. Nu belangrijker dan ooit volgens mij.

In het boek: Wie ben ik als niemand kijkt schrijft Liesbeth Woertman over lichaamsbeelden. Liesbeth Woertman  heeft veel onderzoek gedaan naar lichaamsbeelden en expliciet naar het ouder wordende lichaam. Ze richt zich in dit boek voornamelijk op de derde levensfase in relatie tot de menselijke levensloop. Mooi dat ze Charlotte Bühler, de grondlegster  van de Humanistische psychologie aanhaalt. Zij legde de basis van de conceptie voor biografiekunde waar Adler, Erikson en CG Jung e.v.a. hun werk op baseerde.

Het ouder wordende lichaam ondervindt gaandeweg, in de verschillende fasen van de levensloop, verschillende woorden voor biologische veroudering. Bij kinderen spreken we over ‘ontwikkeling’ – bij volwassenen over ‘verandering’ en bij ouderen over ‘aftakeling’. Dit is een verticale manier van denken waarbij het verleden geen rol mag spelen stelt Liesbeth in dit boek. Een dergelijke visie gaat uit van een lineair en voorspelbaar beeld van het leven. Zo kijk ik daar zelf niet naar, maar jij misschien wel….?

Alles wat etherisch is, is ook ritmisch en cyclisch.

We zijn een lichaam bij geboorte en de ervaringen van aangeraakt zijn vormen de eerste laag van ons lichaamsbeeld. Als baby’s leren we veel door andere mensen na te bootsen. We wonen in het lichaam en ervaren of er van ons gehouden wordt, of we ons gezien voelen of niet.

Als je de levensloop ziet als een rechte lijn kan de ouderdom alleen maar aftakeling betekenen. Het leven laat eerder een spiraalvormig proces zien van groei en afbraak, van nieuwe dingen leren en oude afleren. Een spiraal geeft de dynamiek weer waarin we leren vanaf de geboorte maar ook veel afleren. Dit afleren zijn verlieservaringen die horen bij het ouder worden. Als we oud zijn kunnen we toch blijven groeien tot op hoge leeftijd!

Het boek nodigt uit je kijk op schoonheid en identiteit te onderzoeken. Het wijst op een mentaliteit van vertragen en openheid die je nodig hebt om het verleden te integreren en het nieuwe te omarmen. Pas als je je innerlijke wereld serieus neemt (en stopt je uiterlijkheden te veranderen) kun je je leven in de hand nemen en de buiten- en de binnenwereld integreren. Dat is ook volgens Woertman het doel van de derde levensfase.

Ze zegt het heel mooi: Het anders zijn, het vreemd zijn in jezelf onderzoeken zodat de wij-zij splitsing opgegeven kan worden brengt je bij een nieuwe ontdekking. De anderen dat ben je zelf.

Herkenbaar vond ik hoe Liesbeth Woertman ging graven in haar eigen leven. Hoe verhoudt je je verticaal oftewel op welke schouders sta jij. Om die reden is het belangrijk te onderzoeken wie je oud-moeders of voormoeders zijn. Wat weet jij eigenlijk van je moeder en grootmoeders. Het is leuk om hierover te mijmeren, maar vooral ook om het gesprek erover aan te gaan met hen en als dit niet meer kan met mensen die hen gekend hebben. Aan welke voorbeelden heb je veel gehad om je eigen vrouwelijke identiteit in te vullen. De vrouwelijke identiteit (ook in mannen) staat immers zoals we hebben gezien in relatie tot andere mensen.

Met name in de adolescentie en vroege volwassenheid hebben rolmodellen een grote invloed op de betekenis en invulling van vrouw-zijn.  Liesbeth Woertman beschrijft op beeldende wijze haar eigen verhaal en de beelden van vrouwen die haar omringde en jongensboeken die haar voorkeur hadden. Ze noemt haar leermeesters, haar niet biologische oermoeders, die belangrijk zijn voor haar ontwikkeling. Ik schrijf dit expres zo, omdat ik in dit schrijven jouw creativiteit wil aanboren en je nieuwsgierig wil maken naar je eigen rolmodellen. Als je het boek gaat lezen ga je als vanzelf terug naar je eigen ervaringen en beelden.

Mensen zijn gemiddeld rond hun veertigste op de helft van hun leven. Aangezien er een ontstellend gebrek aan gelaagde verhalen over oudere vrouwen is, zijn vrouwen bang om oud te worden. Onzekerheid is een bron van veel ellende die vaak een relatie heeft met het lichaam en de concepten man en vrouw. Groeien de seksen steeds meer naar elkaar toe, gaan denken én voelen elkaar naderen?

In het boek: Wie ben ik als niemand kijkt gaat Liesbeth Woertman op zoek naar oermoeder, biologisch en sociale rolmodellen om inzicht te vinden in lichaamsbeelden en de digitale schoonheid van jonge mensen. De titel van het boek is de grondvraag.

Liesbeth Woertman roept in haar boek op om de draai te gaan maken, door je onzekerheid heengaan en je uiterste best te doen je lichaam te bewonen in plaats van tentoon te stellen. Wie het lichaam durft te bewonen (dat gaat niet vanzelf) is niet meer zo afhankelijk van de blik van de ander. Het lichaam bewonen brengt je natuurlijk wel in contact met de verinnerlijkte en oordelende blik. Dat is je werkveld. Kunnen reflecteren op onze gedachten en ons gedrag helpt om inzicht te krijgen in wat we denken en doen.

Steeds opnieuw de vraag ‘wie ben ik’ en ‘waar kom ik vandaan’ laten rijpen in jezelf tot antwoorden die van binnenuit opkomen wordt je taalveld. Zo leren we er een verhaal van te maken. Een levenslang proces waarin zichtbaar lichamelijk verval een normaal proces is van elk mens. Vanaf de dag dat we geboren worden, hebben we behalve met groei ook te maken met verlies.  Verlieservaringen spelen al vanaf onze kindertijd een rol en niet alleen in de ouderdom. Dat is menselijk.  Liesbeth Woertman schrijft haar boek als een ode aan het geleefde leven dat zijn sporen nalaat en de kern toont. Dichter bij de kern, van waar het echt om gaat, is volgens haar de winst van het ouder worden. Het lichaam is daar onderdeel van, het toont wie je bent. Dat mag gezien worden. Vaak haalt ze deze woorden aan: Schoonheid is levend, perfectie is dood.

De stap naar weerbaarder zijn in onze derde levensfase vergt voornamelijk het werk je visie te kantelen op de betekenis van oud zijn. Dat begint bij de blik: is die met liefde en tederheid of kritisch-afkeurend?

De ouder wordende mens doet wijsheid op als inzicht in de eigen levensvraagstukken én het maken van evenwichtige keuzes in onzekere situaties. Hersennetwerken kunnen dan voortbouwen op eerdere ervaringen en vrijer met elkaar communiceren. Dat leidt tot een groter probleemoplossend vermogen én het besef dat intimiteit allereerst gaat over de relatie tot je eigen lichaam en pas daarna over de verhouding tot een ander. Ons bewust worden van het relationele van identiteit zorgt ook voor meer verbinding tussen mensen.

Tot zover Liesbeth Woertman en haar boek: Wie ben ik als niemand kijkt. Het is de grondvraag en de titel van het boek wat inzicht biedt in de beelden over het ouder worden en jouw kijk daarop die vanaf de geboorte voortdurend aan verandering onderhevig is. Je hoeft het boek niet te kopen of te lezen, wie moeite heeft met het bewonen van het lichaam kan hier wel veel uit leren, immers een gevoelde relatie met het eigen lichaam leidt meestal gemakkelijker tot een beter contact met anderen. Het is immers altijd zo binnen-zo buiten.

Intimiteit gaat op de eerste plaats over de relatie tot je eigen lichaam en pas daarna over de verhouding tot een ander…. Durf je al JA te zeggen tegen het leven?

© Joke 2022

www.fluisteralsjeblieft.nl

3 gedachten over “Lichaamsbeelden

  1. MOOI deze verwoording. ik wil wel graag dit boek lezen :wie ben ik als niemand kijkt; de titel alleen al is ook de gedachte geweest die ik al veel gehad heb, zeker vroeger; het gevoel dat doordat niemand mij zag ik ook niets betekende; ik heb zo langzamerhand geleerd toch mezelf te zien ook al zag niemand mij; het maakte triest, nu met ouder worden, en dit te lezen, merk ik toch ook, hoe belangrijk het is die vragen te blijven stellen en ze niet op te geven; de onzekerheid die binnenin toch nog zit, wordt door het ouder worden weer actief; dus fijn dat je dit artikel schreef en verwees naar het boek; bedankt.

  2. Met ontroering je prachtige bespreking van mijn boek gelezen. Ik wil je daar hartelijk voor bedanken en ga het delen op mijn sociale media.

  3. Ondertussen nogal wat kruisjes gepasseerd, ondertussen ook geleerd je zegeningen te tellen[ eerlijk gezegd lukt dat niet altijd]. Je bent nooit te oud om te leren , zei men vroeger. Ik ga het boek wel lezen. Mogelijk biedt het andere inzichten en uitzichten.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s