Onze levensloop wordt wel onze biografie genoemd. Het woord ‘biografie’ stamt uit het Grieks en betekent letterlijk levenstekening. Deze levenstekening is een universeel oerbeeld van onze biografie. Biografiewerk of Levensloopkunde ondersteunt ons bij het opnieuw leren kijken naar ons leven. De ontwikkelingsmogelijkheden in verschillende levensfasen blijkt met hulp en inzicht van het zevenjaarsritme een vruchtbaar proces als we problemen en uitdagingen (denk aan ziekten, relatiebreuken, verlieservaringen etc.) een plek gaan geven in het totaal van de levensboog. 

Zo wordt het werken aan je eigen biografie een gids voor een innerlijke ontwikkelingsweg op zoek naar het eigen hogere ik, de Godsvonk of de geest in de mens. Zo ook beginnen het denken, voelen en willen zich om te vormen en te verhogen tot nieuwe vermogens. Rudolf Steiner noemde deze vermogens imaginatie, inspiratie en
intuïtie.

De eerste trede binnen het nieuwe bewustzijn is die van ‘imaginatie’. Imaginatie is een zo sterk duidelijk worden van het bewustzijn en een zo geordend denkleven, dat in de geestelijke ruimte van de mens beelden beginnen op te lichten als innerlijke schilderingen.

met biografiewerk wordt je verleden vrucht voor de toekomst……

Alles wat in kiemtoestand is gebleven wordt uiteindelijk je toekomst. Wetten behoren immers tot de gedachtewereld en niet aan de vergankelijke zintuiglijke wereld. Er hangt in onze tijd veel vanaf of we onze identiteit als mens willen vinden. Een valse identificatie met de dieren zou tot steeds meer onmenselijkheden leiden dan we vandaag al meemaken. Het boeiende is – en daarmee kom ik weer bij biografie aan – is juist datgene wat de mens van het dier onderscheid, zijn mogelijkheid tot biografie is. Meteen beland je in de wetmatigheden van je eigen biografie, want deze komen tot uitdrukking in de wetten van het lot en je zelfhelende vermogens. 

Relaties en groepen maken dezelfde soort stadia door als mensen in hun persoonlijke ontwikkeling.

De mensheid van nu is te vergelijken met de vierde 7-jaarsfase in een mensenleven: van 21 tot 28 jaar. Wereldwijd staan wij voor de opgave uit vrije wil (eigen keuze dus) de verbinding met de natuurlijke en kosmische ordening te hervinden. Immers vanaf het 21e levensjaar daalt het Ik in……de kern van het biografiewerk of van levensloopkunde is het vinden van dit IK, dus naar iets van geestelijke aard. Ons eigenlijke IK, onze individualiteit, die doorheen de verschillende aardelevens gaat met telkens nieuwe zelfgekozen opdrachten, heeft immers een geestelijke natuur.  Het pad van inter-zijn is een pad van harmonie met moeder en zuster aarde. Het pad dat als uitgangspunt heeft: ‘Ik ben omdat de natuur is en omdat zij is ben ik’.

© Joke – fluisteralsjeblieft  2009-2021